Hier volgt een partij die de zwartspeler de prijs voor de beste sportieve prestatie opleverde.
Deze wedstrijd werd gespeeld in de gedenkwaardige zevende ronde, de kentering in het toernooi. Op dat moment gingen Tsjizjow en van den Akker aan de leiding, maar beiden verloren hun partij. Hierna was de strijd om de titel weer volop open.
In deze partijbespreking zal ik me voornamelijk bezighouden met pakweg de eerste dertig zetten. Hierna verdwijnt de korte vleugelopsluiting van het bord. Dit kan natuurlijk niet de bedoeling geweest zijn van Tsjizjow. Ik zal dan ook proberen versterkingen aan te dragen, maar of dat lukt…?! De overige zetten van dit 71 zetten tellende duel worden enigszins veronachtzaamd. Dit is echter bewust gebeurd. Wie hiermee niet kan leven, en meer over deze partij wil weten, kan ik met een gerust hart doorverwijzen naar de toernooiwebsite.
Laten we beginnen.
(1) Tsjizjow,A. - Georgiev,A.
Wch, 19-05-2007
1.34-2916-212.31-2611-163.36-317-114.41-361-75.46-4119-236.33-28 [ Gebruikelijker is (het scherpere) 6.31-2723x347.39x30
, zoals werd gespeeld in één van hun onderlinge matchpartijen om het WK 2003. Een reden voor Tsjizjow om het nu iets anders te spelen kan zijn om voorbereide varianten bij voorbaat onmogelijk te maken. Een andere reden voor 6.33-28 is vooral van psychologische aard. Zwart moet dus keuzes maken, wil ik een KVO of niet? Zo nee, welk speltype dan? Die keuzes zullen hem ongetwijfeld tijd kosten. Ook 'proeft' Tsjizjow even de 'honger' bij zijn tegenstander: ''wil Georgiev écht een strijd op het scherpste van de snede, of is 1...16-21 maar schijn?'' ] 6...23x347.40x2920-248.29x2015x249.31-27
10-15 [ Zwart kon hier probleemloos 9...17-22
spelen. Maar...Georgiev wil meer! De magere resultaten tot nu toe zinnen hem totaal niet, hij wil een overwinning! Bij sommige lezers zullen ongetwijfeld de gedachten teruggaan naar het toernooi om het wereldkampioenschap 2003 in Zwartsluis. Ton Sijbrands speelde toen met wit tegen Alexander Georgiev de opening 1.34-30 20-25 2.40-34?! Deze opening staat op dit niveau enigzins in een kwade reuk. Sijbrands speelde dus alles of niets. Dat vonden diverse (top)spelers een merkwaardige (verkeerde?) beslissing. Ik herinner mij bijvoorbeeld een CJT onder de leiding van Nikhila. Daar werd toen ook over deze dingen nagedacht. Ik heb altijd onthouden dat Nikhila deze opzet van Sijbrands afkeurde. Toen ik in 2004 een jeugdwereldkampioenschap speelde, had ik ook te maken met het remisevirus. Ik produceerde de ene remise na de andere remise. Om daar wat aan te veranderen wilde ik halverwege het toernooi de strategie omgooien: veel meer risico's nemen! Door Nina Hoekman, die toen als begeleider van de jeugd meeging, werd me dat stellig ontraden: ''je moet geduld hebben, geduld geduld''. Toen zij dat zei moest ik meteen weer aan het Sijbrands-Georgiev denken. Na rijp beraad (met mezelf) heb ik toen haar advies opgevolgd.
Wat Georgiev dus nu doet is dus eigenlijk precies hetzelfde. Om eerlijk te zijn, Georgiev pakt het nog iets extremer aan! De KVO die op bord verschijnt zit echt op de rand van het speelbare / onspeelbare. Hoe had de damwereld gereageerd als niet Georgiev, maar Tsjizjow deze wedstrijd had gewonnen? ] 10.36-3114-1911.45-40
Ik heb in Turbo Dambase gezocht naar analoge voorbeelden.
Had Tsjizjow hier 21.49-43 gespeeld, dan waren de spelers terecht gekomen in de partij Diallo - Mbengue (Diouf Memorial 1991).
Deze partij is erg leuk, en mag op deze plaats dan ook niet ontbreken.
Klik links op Diallo - Mbengue om even over te schakelen.
18-2326.44-39!? [ De heren Salomé en Twiest plaatsten op de website http://www.wkdammen2007.nl dagelijks interessante analyses over de gespeelde partijen. Het uitroepteken en vraagteken is ook van hun afkomstig. Het commentaar luidt:"Geeft zwart de mogelijkheid uit de opsluiting te gaan." Tegen deze bewering durf ik niets in te brengen. Beide heren geven als versterking 26.38-33 aan. Zelf zat ik eerder aan 26.34-30
te denken. Laten we "mijn" voortzetting eens bekijken: 12-1827.38-3320-25
De conclusie is dat na 26.38-33 variant B voor zowel wit als zwart kansen geeft. Na "mijn" 26.34-30 kan wit dus op het chaotische 30.30-25 19-24 ingaan wat licht voordelig is voor wit, maar remiseachtig is. In plaats van 30.30-25 is na 30.49-44 de strijd nog volop open. 26...20-2427.38-3314-2028.41-363-929.42-38